Als het buiten 4 graden Celsius is of kouder, gaat de warmtepomp af en toe achterstevoren werken. Hij stuurt dan warm water uit de woning naar de buitenunit om te ontdooien. Als je de thermostaat dermate laag zet, is het water dat daar heen gaat te koud om te de buitenunit te ontdooien. Na een aantal mislukte ontdooipogingen schakelt de warmtepomp zicht ter bescherming uit. Door zowel de binnennunit als de buienunit een kwartier van de stroom af te halen, zal de warmtepomp opnieuw opstarten en zijn werk proberen te doen. Niet vergeten om wel eerst de thermostaat hoger te zetten.
Advies: Zet de warmtepomp bij afwezigheid niet lager dan 18 graden: